Wetenswaardigheden
De kinderen en de scheiding
Algemeen
Voor kinderen is een echtscheiding een zeer
ontwrichtende ervaring, zelfs meer dan voor de ouders. De effecten van scheiding
op kinderen kunnen van lange duur zijn. Het treft kinderen vaak in de jaren
waarin zij gevormd en opgeleid worden. Natuurlijk dient hierbij aangetekend te
worden dat niet de scheiding alleen een traumatische ervaring oplevert. Evenzeer
kan het slechte huwelijk van de ouders op de kinderen een zeer negatief effect
hebben, zodat een scheiding uiteindelijk een beter perspectief biedt. Toch
ervaren kinderen de omstandigheden na een scheiding doorgaans als minder
steungevend dan de omstandigheden in een minder goed huwelijk.
Bijna de helft van de kinderen van gescheiden
ouders gaat de jongvolwassenheid in met veel zorgen en op een prestatieniveau
dat beneden het haalbare ligt. Uitgeput door de vroege ervaringen voor en na de
scheiding van hun ouders is de weerstand vaak minder. In scheidingssituaties
komt het voor dat kinderen zichzelf groot moeten brengen en zij zich
verantwoordelijk voelen voor het welzijn van een van de ouders. Aan dit alles
doet niet af dat nu meer gescheiden wordt dan voorheen.
Ieder kind dat geconfronteerd wordt met een
scheiding maakt leed door en zal zich afvragen: ‘waarom ik?’ Aantallen brengen
daar geen verandering in. Begrijpelijk is dat de ouders in de scheidingsfase
meer met zichzelf dan met hun kinderen bezig zijn. Echter, juist in deze fase
hebben de kinderen ook aandacht nodig, vaak een wat andere dan men op het eerste
oog zou veronderstellen.
Hoe om te gaan met kinderen in een
echtscheiding.
Van groot belang voor het zo goed mogelijk
verwerken van de echtscheiding is, dat de kinderen worden voorbereid op de
scheiding en alles wat daar het gevolg van zal zijn. Leed kan niet worden
voorkomen, maar er zijn wel mogelijkheden om de pijn te verminderen en de
kinderen de mogelijkheid te geven leed te verwerken. Zo mogelijk dienen beide
ouders tezamen de kinderen te vertellen dat zij uit elkaar gaan. Het is daarbij
beter het nieuws aan alle kinderen tezamen te vertellen dan aan ieder
afzonderlijk.
Kinderen hebben dan steun aan elkaar. Aansluitend
kan ieder kind eventueel nog apart geïnformeerd worden op het begripsniveau dat
aansluit bij de leeftijd. Ouders informeren de kinderen als het besluit
vaststaat. Wanneer de omstandigheden het onmogelijk maken dat de ouders tezamen
de kinderen informeren, doet een van de ouders het, na overleg met de ander. De
reden van uiteengaan wordt ook op het niveau dat aansluit bij de ontwikkelingen
van het kind verteld, maar zonder daarbij één van de ouders met schuld te
beladen.
De ouders zullen daarbij,bij voorkeur, aangeven
dat zij zich verantwoordelijk blijven voelen voor het gehele gezin en dat zij
zich ieder op hun eigen wijze voor de kinderen zullen blijven inzetten, ook al
gaan zij ieder hun eigen weg. Kinderen zullen sterk de neiging hebben om
verzoeningspogingen in het werk te stellen. Zij willen immers niet dat het gezin
uiteen valt. Maar het is natuurlijk niet hun taak om hun ouders te verzoenen. En
als de echtscheidingsbeslissing definitief is, zijn hun pogingen ook nog tot
mislukken gedoemd.
Duidelijkheid is dus erg belangrijk. Ook is het
belangrijk te weten dat kinderen vaak zichzelf de schuld geven van het feit dat
ouders gaan scheiden. Het is goed dat ouders dit weten en de kinderen meteen op
het hart drukken dat dit niet het geval is. Kinderen zijn niet verantwoordelijk
voor de scheiding. Ook dat behoort tot de boodschap.
Tenslotte is het goed om te weten dat kinderen,
die één ouder door de scheiding ‘’verliezen’’ mogelijk gaan lijden aan
verlatingsangst. Zeer regelmatige contacten met de ‘’verloren ouder’’ zijn
wenselijk om dit te voorkomen. De veranderingen die gaan komen behoren met de
kinderen te worden gecommuniceerd. Zij worden betrokken bij de omgangsregeling
die zij met de niet dagelijks verzorgende ouder zullen hebben. Zij krijgen de
nieuwe woonruimte van deze ouder zo snel mogelijk te zien. Kinderen mogen ook
suggesties doen. Zij moeten het gevoel krijgen een actieve plaats te hebben in
het proces. Dat maakt hen tot actief deelnemer, in positieve zin, in plaats van
passief slachtoffer in een oeverloze crisis. Zij zijn echter niet
verantwoordelijk voor de te nemen beslissingen.
Dat zijn en blijven de ouders. Ouders moeten
kinderen actief toestaan van beide te blijven houden. Het gaat hier om de
individuele integriteit van het kind zelf. Die dient door beide ouders
gerespecteerd te worden, hoe moeilijk dat ook op te brengen is. De eigen haat,
het verdriet of rancune behoort achtergesteld te worden ten opzichte van het
belang van het kind bij het behoud van een relatie met beide ouders.
Deskundigen kunnen ouders helpen de hierboven
geschetste rol naar behoren te blijven vervullen. Waar de ouders daar niet of
ten dele slagen kan de kinderen ook rechtstreeks hulp geboden worden. Behalve
acute symptoombestrijding zal hulp er mede op gericht moeten zijn het kind
inzicht te verschaffen in het proces dat zich afspeelt. De te bieden hulp is
sterk leeftijdsafhankelijk en hangt vervolgens ook van het individuele geval af.
|